In mei hebben we met vijf leden van Outdoor Deventer (OD) – Jurre, Marcel, Trudy, Hans en Bart – een tocht gemaakt van een week op de Aller, een zijrivier van de Weser. De Aller ontspringt in de omgeving van Maagdenburg en volgt een in de ijstijd gevormd stroomdal vaak eenzaam en aantrekkelijk door het weidelandschap over een afstand van 250 kilometer tot de monding in de Weser bij Verden. De Aller is geen grote rivier maar is wel heel  indrukwekkend en ronduit romantisch. Breed, kalm en rustig kronkelt de Aller als een  glinsterend blauw lint door het gletsjerdal. De zachte stroming oefent een magische aantrekkingskracht uit op kanoërs, die urenlang kunnen genieten van de natuur te midden van het idyllische landschap. Wij varen met OD de beneden Aller, het deel tussen Celle en de monding, ook wel aangeduid als de Unteraller met een totale lengte van 117 kilometer.

We starten in Celle, een historische stad met veel vakwerkhuizen waarvan de oudste uit de 16e eeuw stammen. De eerste nacht brengen we door op de camping van de  kanovereniging van Celle. Een mooie grasmat op loopafstand van het centrum en een direct toegang tot de Aller. Waar we alleen geen rekening mee hebben gehouden, dat er naast de brandweer is gevestigd, die juist deze avond tot diep in de nacht het jaarlijkse personeelsfeest houdt in de kazerne. De volgende ochtend vertrekken we na een wat gebroken nacht om 10.00 uur voor onze eerste etappe. Na 1,5 kilometer moeten we in Celle overdragen bij een stuw.

Gelukkig hebben we de middag ervoor de situatie ter plaatse verkend, en weten we dat het hek open kan en waar we kunnen instappen. Met een behoorlijk stroming peddelen we Celle uit, langs de haven waar we gisteren nog het Havenfestival bezochten.

Het landschap is afwisselend, wel vlak maar het lijkt alsof we continue door een bomenrijk natuurgebied varen. Na kilometerpaal 8 besluiten we een eerste pauze te houden. De zon schijnt het is heerlijk weer. Even lekker liggen in het gras en een kopje koffie erbij. Na een half uurtje peddelen we verder. Bij kilometer 15 de tweede stuw van vandaag. Maar hier is een zelf bedieningssluis. Trudy stapt uit en start de bediening. Eerst de sluis vol laten lopen. Vervolgens de luiken van de deuren open en de deuren openen. Het eerste deel gaat goed. Maar het knopje “deuren openen” werkt niet. Nog maar een keer drukken. En nog een keer. Marcel stapt ook uit. Na een paar pogingen is de conclusie dat het niet gaat. Een storing misschien? Dan maar bellen met de sluiswachter. Bart belt, maar de sluiswachter kan alleen instructies geven als je bij het bedieningspanel staat. Dus Bart ook uit de boot. Wat blijkt, we moeten meer geduld hebben. Het proces doorloopt zelfstandig drie stappen om de luiken te openen. Dat moet je rustig afwachten en niet onderbreken door op een knop te  drukken. Eindelijk gaat het verlossende lichtje branden. De deuren gaan open en we kunnen binnenvaren. Aan de andere kant hetzelfde proces om er weer uit te varen. Marcel is inmiddels behendig met de knopjes. Het verloopt soepel. Het kost wat tijd, maar het werkt. We varen een paar meter lager de sluis uit en Marcel kan weer in zijn boot stappen.

We slaan de lunch over en gaan op weg naar de camping Allerblick bij Winsen bij kilometer 19. We leggen aan op een zandstrandje. Een mooie camping en ruimte genoeg hier. Eerst even bijkomen en dan de tenten opzetten en douchen.

Winsen heeft supermarkten en verschillende eetgelegenheden. Omdat niet zeker is wat we de rest van de week nog tegenkomen aan horeca, besluiten we vanavond maar uit eten te gaan, bij het restaurant “andere’s” Allerblick aan de overkant van de Aller. We eten heerlijk buiten op het terras.

’s-Ochtends worden we wakker in de regen. Misschien dat het om 11 uur even droog wordt, maar we besluiten om in de regen in te pakken en om 10.00 uur te vertrekken. Het is nat en koud. Trudy heeft moffen bij zich. Die komen goed van pas, want het is koud aan de vingers. Het is rustig op het water, we komen niemand tegen. Bij kilometer 27 onze 2e sluis: Bannetze. Ook deze is zelfbediening. We weten nu hoe het werkt. Trudy stapt uit de boot en na alle stappen van het bedieningspanel te hebben doorlopen, openen de deuren zich. We varen naar binnen en aan de andere kant hetzelfde. Het proces loopt soepel. Hans heeft nog net de tijd om iets warmers aan te trekken. Tevreden varen we de sluis uit. Het landschap blijft mooi, ondanks de regen en de kou. Wel zijn de vogels door het weer stiller dan gisteren. We zien regelmatig vraatsporen van de bever, maar de bever zelf blijft verborgen. We varen door. Bij de volgende sluis worden we bediend. Maar we moeten ons wel een half uur voor  aankomst melden. Dus belt Bart. Dat is best lastig met koude vingers op een natte telefoon. Maar helaas, de sluis is de hele week gesperd vanwege onderhoud. Ook de volgende sluis is in onderhoud. Dat verklaart ook waarom er nauwelijks andere boten op de Aller zijn vandaag en gisteren. Gelukkig kunnen we overdragen. Met vereende krachten en de draaglussen van Jurre zijn de boten snel aan de andere steiger. Het is het droog geworden, dus een goed moment voor de lunch. Als de eerste druppels weer vallen stappen we in. Nog twee kilometer naar de camping. Het is droog als we de tent op zetten en de warme douche is vandaag extra lekker.

Helaas is vanavond het restaurant gesloten, maar er zijn wel afhaalpizza’s en vanwege het weer en omdat we kanoërs zijn krijgen we toestemming om die binnen op te eten. Het is een mooi in het bos gelegen camping, alleen jammer van het continue lawaai van de naastgelegen snelweg. ’s-Avonds verkennen we de omgeving.

De volgende morgen is het droog en omdat we deze dag twee etappes willen samenvoegen tot één van 39 kilometer, besluiten we om 9.00 uur te vertrekken. Er dreigt een buitje maar dat heeft weinig om het lijf. Ruim voor 9.00 uur zitten we in de boten op weg naar de stuw bij Hademstorf bij kilometer 50, waar de Leine in de Aller uitkomt. Ook hier moeten we vanwege het onderhoud overdragen. Het water stroomt met een grote kracht over de stuw en achter de stuw, waar we moeten instappen, kolkt het water hevig. De instap is ook steil, een soort betonnen tribune. Met vereende krachten leggen we de boten één voor één in het water en om de beurt stappen we in. Goed om te zien hoe we op elkaar zijn ingespeeld. Iedereen komt soepel en droog in zijn boot in het klotsende water. We varen verder omringd door een kolonie van oeverzwaluwen, die voor onze boten over het water scheren. In de wand hebben ze hun nesten. Een bijzonder mooi gezicht.

We zetten onze tocht voort over de meanderende rivier. Vandaag is het grotendeels droog, maar er staat wel een krachtige wind, die we soms mee hebben en soms tegen. Af en toe laten we ons door de stroom meevoeren. Het water stroomt behoorlijk, en waarschijnlijk harder dan normaal omdat het aan het stijgen is als gevolg van de vele regen van gisteren. Bij kilometer 57 bereiken we Hodenhagen, waar de Meiße in de Aller stroomt. We besluiten hier te pauzeren en een bezoek te brengen aan het Café om Deich, waar ze een vitrine vol met grote taarten hebben, maar waar je ook heerlijk kunt lunchen. Tijdens de lunch valt er een hevige bui. Wij zitten dan gelukkig droog en warm. Met een voldaan gevoel stappen we weer in onze boten en varen verder.

De vogels zijn ook vandaag weer van de partij. We zien de gele kwikstaart, de geelgors, witgatjes, de koekoek, de rode wouw, ooievaars, een visarend en als sluitstuk voor de dag zit aan de oever een jonge zeearend, die pas wegvliegt als we hem naderen. Een majestueus gezicht. Onze eindbestemming is vandaag het Rittergut Frankenfeld. Een oud boerderijcomplex, waarvan het oude herenhuis is vervangen door een moderne villa. Vanwege het weer en omdat we kanoërs zijn krijgen we toestemming om een droge zaal in de boerderij te gebruiken. Dat komt goed van pas. Vanavond is het dan eindelijk zover dat we onze rantsoenen aanbreken. De verschillende maaltijden worden zittend in de avondzon voor de tent gekeurd en goed bevonden. Na zo’n lange dag is het heerlijk slapen, althans voor de meeste van ons.

Omdat we gisteren twee etappes hebben gevaren is het vandaag rustdag. Een mooie gelegenheid om via een wandeling van ruim een uur de Konditorei en de supermarkt in Rethem te bezoeken. ‘s Avonds gaan we uit eten bij het restaurant Allerhof, op een half uur lopen van de camping, maar wat de wandeling zeker waard is.

De volgende ochtend vertrekken we om 10.00 uur. Het water is zo’n 30 cm gestegen en stroomt nog steeds hard. De wind is gaan liggen. We kunnen de verleiding niet weerstaan om na 3 kilometer toch nog even te stoppen bij Rethem, waar op deze Himmelfart een treffen is georganiseerd met oldtimers omlijst met crêpes, warme worsten en koffie. Jurre en Bart raken in gesprek met een lid van de watersportvereniging Verden. Hij vertelt ons dat je de Aller het beste in de winter kunt bevaren met meer stroming, zon en oostenwind en dat je dan kunt overnachten bij de Allerhof. Een goede tip voor een volgende keer.

Na een korte stop varen we verder, door een mooi natuurgebied en krijgen opnieuw een zeearend te zien van dichtbij. Dit keer een volwassen exemplaar. Even verderop pauzeren we, terwijl donkere wolken boven ons samentrekken. We hadden een droge middag  verwacht, maar er breekt een hevige regen- en hagelbui los en in de regen varen we naar ons einddoel van vandaag: het botenhuis van de watersportvereniging in Westen. Als verzopen katten komen we aan. We worden zeer gastvrij ontvangen. Het hele botenhuis staat tot onze beschikking. De boten kunnen we buiten laten liggen in de haven aan de Aller. Binnen kunnen we alles drogen wat nat is. Voor de tweede keer deze week breken we onze rantsoenen aan. Dit keer bereiden we ze in de keuken van het botenhuis.

Na een niet voor iedereen rustige nacht varen we verder naar Verden. Vandaag is het droog en schijnt de zon. Het is een korte etappe en het water stroomt nog steeds. Nog voor de lunch bereiken we bij kilometerpaal 112 al ons eindpunt, de watersportvereniging van Verden. Verden is een grote stad met een monumentale Dom, naar hun zeggen de grootste kerk van Noord-Duitsland. ’s-Middags nemen Jurre, Marcel en Bart de trein terug naar Celle om de auto’s en de botenwagen op te halen. Die avond eten we bij de Griek. Een lekkere en gezellige afsluiting van deze week. We kijken terug op een koude en natte, maar geslaagde kampeertrektocht.

Bart van Moorsel